Volle melk voeren – Correct gedaan!

Het voeren van waardevolle volle melk aan kalveren gaat kinderlijk eenvoudig met het juiste concept

Kalveren hebben veel melk nodig om te groeien! Dat staat niet ter discussie. Rondom de wijze van melk voeren bestaan echter 1.000 verschillende concepten. Of als magere melkpoeder, weipoeder, yoghurtdranken, aangezuurde volle melk, gepasteuriseerde volle melk, hoge concentratie, lage concentratie met en zonder upgrade, ... veel te veel opties!

In dit artikel gaat het over

  • voor- en nadelen van volle melk voeren
  • de kwestie van de beschikbaarheid van volle melk
  • de mogelijkheden van pasteurisatie
  • de opslag van de volle melk en het voeren aan drinkautomaten

Het zou zo eenvoudig kunnen zijn: We voeren het kalf dat, wat moeder natuur voor hem/haar heeft bedacht: de melk van de moeder!

Er zitten echter veel haken en ogen aan het gebruik van volle melk in kalverdranken:

  • De melk is te duur om als voer te dienen.
  • Het is moeilijk om volle melk te transporteren en opnieuw op te warmen.
  • De schoonmaakinspanningen van de voertechnologie zijn hoog.
  • Melk moet gekoeld worden opgeslagen.
  • De kwaliteit is vaak twijfelachtig.
  • Er ontbreken belangrijke ingrediënten (ijzer en vitamines).

Aan de andere kant zijn er voordelen die voor het gebruik van kalverdranken spreken:

  • Melk bevat een hoog aandeel hoog verteerbare caseïne.
  • Een hoge melkopname (ad libitum) is vaak alleen mogelijk met volle melk.
  • Volle melk bevat veel probiotische stoffen en immunoglobulinen, ook na de biestmelkfase.
  • Melk die niet geschikt is voor de markt is kosteloos beschikbaar.
  • Bacterieel besmette melk kan na pasteurisatie zonder problemen worden gevoerd.
  • Volle melk is op elk melkveebedrijf beschikbaar.

Bij deze vergelijking valt het op dat het meestal technische problemen zijn die het gebruik van volle melk in de kalverstal in de weg staan, maar dat aan de andere kant de nutritioneel-fysiologische voordelen opwegen tegen de nadelen.

Wanneer dus de technische mogelijkheden van transport, behandeling van bacteriën, opslag en voeren optimaal zouden kunnen worden opgelost, is volle melk het ideale voer voor jonge kalveren.

Probleem 1: afscheiding van “kalvermelk” in de melkstal

In principe worden in de melkstal al vijf verschillende melksoorten afgescheiden:

  1. Verkoopbare hoogwaardige consumptiemelk.
  2. Hoogwaardige colostrum uit de eerste partij melk. Die moet apart worden verzameld en direct aan pasgeboren kalveren worden gevoerd of in colostrumzakken worden gekoeld of ingevroren.
  3. Colostrum vanaf de tweede partij melk tot aan het einde van de wachttijd.
  4. Met bacteriën en cellen verontreinigde melk, die niet kan worden verkocht. Let op: Melk van zeer slechte kwaliteit met deels optische verandering van de melk, mag ook na pasteurisatie niet als voedingsmiddel worden gebruikt.
  5. Melk van koeien die antibiotica bevat mag vanwege het ontwikkelen van resistentie helemaal niet worden gebruikt. Een remmertest vóór het voeren van de melk kan hier zekerheid bieden
Volle melk loopt in de MelkTaxi

Volle melk voor kalveren moet bestaan uit de groepen 1) verkoopbare consumptiemelk, 3) colostrum en deels 4) matig met bacteriën verontreinigde melk. Deze melk kan in de melkstal via een tweede melkleiding direct in een aparte tank of een gereedstaande MelkTaxi worden gemolken. Bij melkrobots is deze procedure standaard, maar in traditionele melkstallen wordt een tweede melkleiding vanwege het kostenplaatje vaak niet ingebouwd.

Als alternatief kunnen in de melkstal verzamelputten voor melk worden geïnstalleerd, waarin men de melkemmer leegt en de melk vervolgens met een pomp uit de melkstal laat pompen.

De eerste biestmelk of colostrum (2) moet apart worden opgeslagen in melkemmers en snel worden verwerkt. Hier kunnen handmatige werkzaamheden helaas niet worden vermeden. De melk kan dan in zakken, flessen e.d. worden gegoten, gepasteuriseerd, gekoeld of na verwarming onmiddellijk worden gevoerd. Hier zijn verschillende routines, zoals het coloQuick-managementsysteem.

Melk met remmers (5) en melk van koeien met ernstige uierziektes (deels 4) moet men al in de melkstal met de mest afvoeren.

Probleem 2: Behandeling van kiembevattende melk

Zoals hierboven beschreven wordt er voor het voeren van kalveren o.a. melk gebruikt die ziektekiemen bevat. Bij een lichte kiembelasting is het geen probleem wanneer de melk wordt gepasteuriseerd. Pasteurisatie is een beproefd en getest verwarmingsproces waarbij de melk vrij van kiemen wordt gemaakt. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen twee verschillende systemen:

Batch-proces (zog. charge-pasteur)

Op 60-63 °C en met een tijdsduur van 30-70 minuten wordt de melk vrij van kiemen gemaakt (resterend kiemgehalte < 0,5%). Dit proces is geschikt voor kleine en middelgrote bedrijven, die tot 250 l melk per maaltijd nodig hebben. Het is technisch relatief eenvoudig en erg goedkoop. Bij de MelkTaxi is de pasteurisatiefunctie optioneel al in het apparaat zelf geïntegreerd.

Het proces is echter niet erg energiezuinig. De volledige energie die in het systeem wordt gestoken gaat verloren, omdat de warmte niet wordt gebruikt bij het afkoelen van de melk.

Flash-proces of ook HTST-proces (de zogenaamde doorloop-pasteur)

Bij het flash-proces wordt melk verwarmd tot 73 °C en 15 seconden op deze temperatuur gehouden. De flash-pasteurs zijn ontworpen voor grotere prestaties. Kalvermelkpasteurs zoals de MediumFrame of de LargeFrame pasteur pasteuriseren 350 tot ca. 1.500 liter per uur. De systemen werken met twee warmtewisselaars zeer energiezuinig. Ze gebruiken de warmte, die bij het pasteuriseren ontstaat, om de melk voor te verwarmen zodat de energiebehoefte duidelijk lager is dan bij het batch-proces. Daarnaast bestaat de mogelijkheid om afvalwarmte uit biogasinstallaties of de warmteterugwinning van de melkkoeling te gebruiken. Dan werken deze pasteurs extra zuinig en hebben vaak minder energie nodig, dan nodig zou zijn om de melk van opslagtemperatuur naar drinktemperatuur te brengen.

Melkstroom in de HTST-pasteur – High Temperature Short Time
Melkstroom in de HTST-pasteur – High Temperature Short Time

Deze installaties zijn echter technisch zeer gecompliceerd, omdat er bijv. meerdere opslagtanks nodig zijn: Een opslagtank voor de rauwe melk, waarin de afgescheiden melk uit de melkstal aankomt, en een opslagtank voor de gepasteuriseerde melk.

De gepasteuriseerde melk kan bijvoorbeeld in een MelkTaxi stromen. Omdat men de flash-pasteur zo in kan stellen dat de melk op drinktemperatuur in de MelkTaxi komt, kan men met direct met het voeren van de kalveren beginnen.

Hier scoort de MiniFlash. Hij beschikt over een geïntegreerde tank voor de rauwe melk met een inhoud van 150 of 300 l. De tank heeft een geïntegreerde koeling met leeg-detectie, een roerwerk en automatische reiniging. De MiniFlash is bijzonder geschikt voor gebruik op bedrijven met melkrobots. De automatisch afgescheiden melk wordt eenvoudig in de tank gepompt en daar dan onmiddellijk gekoeld om de kwaliteit te behouden.

Probleem 3: Opslag van de afgescheiden melk

Nadat de kalvermelk in de melkstal werd afgescheiden, dient zich de vraag aan, waar de melk opgeslagen naar de kalveren wordt getransporteerd.

De meest eenvoudige manier is de MelkTaxi, waarin de melk wordt opgeslagen, naar de kalveren gereden en vervolgens in drinkemmers wordt gepompt. De flexibiliteit van het systeem MelkTaxi met de veelzijdige opties wordt al op tienduizenden bedrijven gewaardeerd.

Maar bij het gebruik van drinkautomaten komt de praktische landbouwer steeds weer voor gecompliceerde uitdagingen te staan. Eerst moet de melk naar de kalverstal worden getransporteerd. Bij korte afstanden zijn buisleidingen met reinigingsmogelijkheid zeker een goed alternatief. Wanneer er echter langere afstanden moeten worden overbrugd, kan ook hier een MelkTaxi worden gebruikt voor het transport van de melk. Zo kunnen de kalveren eerst in de individuele boxen worden gevoerd en vervolgens kan de opslagtank bij de drinkautomaat worden gevuld of kan de MelkTaxi zelf als opslagtank dienen.

De opslagtank bij de drinkautomaat moet in elk geval over een koeling beschikken, zodat de melk haar kwaliteit behoudt. Daarbij zijn koeltemperaturen van 4-5 °C niet beslist noodzakelijk wanneer de melk elke 12 uur (van één melktijd tot de volgende) wordt geconsumeerd. Vaak zijn dan temperaturen van onder de 10-12 °C voldoende om de melk gedurende die tijd vers te houden. Door deze hogere temperatuur worden enorme hoeveelheden energie bespaard, want hoe lager de opslagtemperatuur is, des te hoger is het extra energieverbruik voor het koelen en later opwarmen.

In principe zijn er vier problemen bij de aansluiting van conventionele opslagtanks op drinkautomaten:

  1. Resthoeveelheden bij hervullen

Het komt zelden voor dat de melktank op het moment van hervullen volledig leeg is. Resthoeveelheden moeten dan in gereedstaande tanks worden gegoten en vervolgens handmatig worden gevoerd of verwijderd.

  1. Vroegtijdig legen

Wat ook vaak voorkomt is dat men te weinig melk in de tank heeft gedaan en dat de automaat gedurende een bepaalde tijd niet kan voeren omdat de tank leeg is.

  1. IJsvorming bij lage vulniveaus

In elk geval is het zo dat de melktanks, die voor de opslag van consumptiemelk werden ontworpen, bij lage vulniveaus ertoe neigen ijs te vormen aan de binnenkant, omdat er geen automatische uitschakeling van de koeling aanwezig is.

  1. Reiniging van tank en leiding

Vóór het hervullen moet de tank worden gereinigd. Dat gebeurt meestal handmatig of wordt door tijdnood helemaal achterwege gelaten. Omdat hygiëne en reinheid bij jonge kalveren echter de Alfa en Omega van het succes zijn, is deze veel voorkomende gang van zaken vaak de oorzaak van ziektes in het kalverhok. Daarnaast moet op dit moment ook de leiding van de drinkautomaat tot aan de MelkTaxi worden gereinigd. In elk geval betekent een reiniging van tank en leiding een onderbreking van het drinken aan de automaat van minstens ¾ - 1 uur.

Modern volle melk voeren met CalfExpert en DoubleJug

Alle bovengenoemde problemen leidden er in het verleden toe, dat volle melk maar zelden werd gebruikt in drinkautomaten. De nutritioneel-fysiologische voordelen zijn bekend, maar de technische nadelen wegen zwaarder!

Maar met het nieuwe volle melkconcept van Holm & Laue worden deze problemen overwonnen en en heeft men een efficiënt, goedkoop systeem met maximale prestaties.

De DoubleJug is een speciaal voor kalverdrinkautomaten ontworpen melktank met twee kamers. De CalfExpert drinkautomaat haalt zijn melk uit één van de tanks. Wanneer deze tank leeg raakt, schakelt de DoubleJug automatisch over naar de tweede tank en kan de CalfExpert zonder onderbreking verder voeren.

Zodra de eerste tank leeg is, wordt deze automatisch gereinigd. Vervolgens wacht hij tot hij weer wordt gevuld (bijv. met de MelkTaxi of via een buisleiding). In de regel vult men dan beide tanks om de maximale capaciteit van de DoubleJug te benutten.

Het voordeel van het tweekamersysteem is dat het vullen van de DoubleJug op elk gewenst moment kan plaatsvinden zonder dat men het exacte moment hoeft af te wachten waarop de melktank leeg is. Er zijn geen resthoeveelheden en ook geen tijden waarop de CalfExpert vanwege ontbrekende melk stopt met voeren.

De DoubleJug wordt rechtstreeks via de CalfExpert geregeld. De directe communicatie van de beide apparaten heeft ook het voordeel dat de reinigingscycli kunnen worden afgestemd. Zo wordt de melkleiding tussen DoubleJug en CalfExpert slechts een keer per dag gereinigd, wanneer ook de melktank zelf wordt gereinigd. De wachttijden van de kalveren worden daardoor geminimaliseerd.

Conclusie

De uiterst verteerbare caseïne in volle melk zorgt voor hoge groeipercentages en bereidt het dier voor op hoge toekomstige prestaties. Daarnaast betekent het gebruik van volle melk een actieve bijdrage aan milieubescherming, want bij de productie van melkvervangers wordt zeer veel energie gebruikt voor de droging en het transport.

Met een doordacht concept is het voeren van volle melk aan kalveren geen probleem. De pasteurisatie van de melk in de MelkTaxi of in de flash-pasteur doodt ziektekiemen en zorgt voor veiligheid bij het voeren. De DoubleJug is als moderne melkkoeltank speciaal aangepast voor het werken met drinkautomaten. Daardoor worden de kwaliteit van de melk en een probleemloos proces aan de drinkautomaten gegarandeerd.